Bereken online welke Festo stootdemper past bij uw toepassing en krijg direct een modeladvies uit DYEF, DYSR, YSR-C, DYSC, YSRW, DYSS, DYSW, YSRWJ of DYHR.
Bereken direct uw Festo stootdemper
Voer massa, snelheid en cyclusfrequentie in en ontvang direct een modeladvies uit het complete Festo assortiment (DYEF, DYSR, YSR-C, DYSC, YSRW, DYSS, DYSW, YSRWJ, DYHR).
Wat doet deze tool?
De Festo stootdemper berekening tool van Almotion automatiseert de eerste selectie binnen het uitgebreide Festo Cushioning assortiment. Met één invoerformulier toetst de tool uw toepassing tegen 71 modellen verdeeld over negen series, en presenteert de zes meest geschikte kandidaten met daaronder het label “Beste Match” voor het optimaal passende model. Per kandidaat ziet u in één oogopslag of de demper voldoet aan de vier hoofdcriteria:
- Maximale snelheid (v_max) per model
Festo werkt met verschillende snelheidsklassen. Elastomer dempers (DYEF) zijn beperkt tot 0,8 m/s, terwijl grotere hydraulische dempers tot 3 m/s kunnen verwerken. De DYHR cushioning cylinder voor langzame voedingen werkt tot 0,3 m/s.
- Toelaatbare massa (m_max) per model
Elk model heeft een eigen maximumgewicht. De tool waarschuwt zowel bij overschrijding als bij onderbelasting (minder dan 25% van W3-capaciteit), omdat een te zwaar gedimensioneerde demper niet lineair kan dempen.
- Energie per slag (W3)
De som van kinetische energie en eventuele aandrijfenergie. De tool zoekt actief naar het optimum: belasting tussen 50 en 100 procent van W3max. Dit is Festo’s eigen aanbeveling voor lineaire en progressieve demping.
- Warmtebelasting per uur (W4)
De energie die de demper bij de gekozen cyclusfrequentie per uur als warmte moet afvoeren. Bij elastomer dempers is geen W4 gespecificeerd, hier rekent de tool alleen op slag-energie.
Welke Festo series zitten in de tool?
De tool dekt het volledige Festo Cushioning Components assortiment volgens catalogus 2019/01:
| Serie |
Type |
v_max |
Energie |
Typische toepassing |
| DYEF |
Elastomer, geen stop |
0,8 m/s |
0,015–0,55 J |
Mini slide DGSL
Kleine bewegende massa, lage snelheid, geen warmteafvoer nodig |
| DYEF-F |
Elastomer, met stop |
0,8 m/s |
0,005–1,2 J |
Mini slide DGSL en Swivel module DSM-B
Instelbare slag met vaste eindstop |
| DYSR |
Hydraulisch, instelbaar |
0,1–3 m/s |
4–384 J |
Algemene toepassingen waarbij de dempingskarakteristiek per situatie afgesteld moet worden |
| YSR-C |
Zelfregelend, hard |
0,05–3 m/s |
0,6–380 J |
Lineaire eenheden DGPL/DGC en SLE
Onderhoudsvrij, geschikt voor draaiende toepassingen |
| DYSC |
Zelfregelend, hard, met stop |
0,05–3 m/s |
0,6–100 J |
Swivel module DSM-B en Semi-rotary drive DRRD
Metalen eindpositie op de behuizing |
| YSRW |
Zelfregelend, progressief |
0,1–3 m/s |
1,3–70 J |
Lineaire eenheid DGC en handling modules HSP/HSW
Trillingsarm, korte cyclustijden |
| DYSS |
Zelfregelend, soft, low-vibration |
0,1–1,5 m/s |
0,1–10 J |
Lineaire eenheid DLGF en mini slide DGST
Uiterst trillingsarm, niet voor draaiende toepassingen |
| DYSW |
Zelfregelend, progressief, met stop |
0,1–3 m/s |
0,8–12 J |
Mini slide DGSL en handling module HSW
Trillingsarm met geïntegreerde eindstop |
| YSRWJ |
Stopelement met sensor |
0,05–3 m/s |
1–3 J |
Handling- en assemblagetoepassingen waar eindpositie
Detectie via SME/SMT-8 nodig is |
| DYHR |
Cushioning cylinder, lage snelheid |
0,3 m/s |
32–384 J |
Voor constante, langzame remsnelheden over de hele slag (0,2–100 mm/s instelbaar) |
Praktijktip: Welke serie kies ik?
Voor lichte massa (< 10 kg) en lage snelheid (< 0,8 m/s) bij een mini-slide is DYEF of DYEF-F vaak de eenvoudigste keuze. Voor onderhoudsvrij gebruik in lineaire eenheden valt de keuze tussen YSR-C (hard, kort) of YSRW (progressief, lang). Voor maximale demping van trillingen op assemblagetoepassingen is DYSS de aangewezen keuze. Bij twijfel filtert u in de tool eerst op categorie (zelfregelend, instelbaar, elastomer) en vergelijkt u de resultaten.
Welke formules gebruikt de tool?
De berekening volgt de standaard selectiemethodiek uit Festo’s Calculation tool for cushioning components (catalogus pagina 51):
1. Kinetische energie (W1)
De energie van de bewegende massa op het moment van impact:
W1 = ½ · m · v²
2. Aandrijfenergie (W2)
Wanneer een cilinder of motor tijdens het dempen kracht blijft uitoefenen, levert deze extra energie. Bij een vrij bewegende massa is W2 = 0:
W2 = F · s
3. Totale energie per slag (W3)
De totale energie die de demper per slag moet absorberen — moet binnen W3max van het gekozen model blijven:
W3 = W1 + W2
4. Warmtebelasting per uur (W4)
De totale energie die per uur als warmte moet worden afgevoerd:
W4 = W3 · X
Waarbij X het aantal slagen per uur is.
Welke gegevens heeft u nodig?
Vier waarden zijn voldoende voor een volledige berekening; de cilinderkracht is optioneel:
| Parameter |
Eenheid |
Beschrijving |
| Massa (m) |
kg of g |
Het totale gewicht dat tegen de demper komt: zuiger, gereedschap en eventuele werkstukken samen. |
| Snelheid (v) |
m/s of mm/s |
De eindsnelheid op het moment van contact. Maximum verschilt per serie van 0,3 tot 3 m/s. |
| Aandrijfkracht (F) |
N of kN |
Optioneel. Vult u alleen in als een cilinder tijdens het dempen kracht blijft uitoefenen. Bij een losstaande demper laat u dit veld leeg. |
| Slagen per uur (X) |
aantal/h |
De werkfrequentie. Bepaalt of de demper de gegenereerde warmte voldoende kan afvoeren. |
| Gewenste slag |
mm |
Optioneel. Filtert modellen op slaglengte ±20% — handig wanneer u een vaste inbouwruimte heeft. |
Let op: Festo’s Force A (extra kracht tijdens dempen) wordt in deze tool vereenvoudigd tot F = 0. Bij actieve aandrijfkracht raden wij overleg met onze technische dienst aan, of gebruik van Festo’s eigen online sizing software voor de meest exacte berekening met curve-grafieken.
Hoe leest u het resultaat?
De tool toont maximaal zes modellen, gesorteerd op geschiktheid. Per model worden vier checks getoetst en gevisualiseerd met een groen, oranje of rood indicatorblokje:
- Snelheidscontrole (v ≤ v_max)
De impactsnelheid mag de seriespecifieke maximum niet overschrijden.
- Massacontrole (m ≤ m_max)
De massa moet binnen het toelaatbare bereik van het model vallen. Boven dit maximum is een lineaire demping niet meer gegarandeerd.
- Energiecontrole (W3)
Het optimum ligt bij 50–100 procent van W3max. De tool waarschuwt zowel bij overschrijding (rode indicator, niet geschikt) als bij onderbelasting onder 25 procent (oranje indicator, demper te groot voor deze toepassing).
- Warmtecontrole (W4)
De cyclusenergie per uur moet binnen de afvoercapaciteit blijven. Voor elastomer dempers zonder W4-specificatie wordt deze check overgeslagen.
Het model dat alle vier checks doorstaat én het dichtst bij de optimale 75 procent W3-belasting zit, krijgt het label “Beste Match” met een dikker oranje kader. De samenvattingsbalk bovenin toont hoeveel van de 71 modellen in totaal geschikt zijn voor uw toepassing (vaak meer dan zes) zodat u weet of u via de filters nog verder kunt verfijnen.
Veelgestelde vragen
Wat is het verschil tussen DYEF en DYEF-F?
De DYEF zonder fixed stop heeft een vaste, niet-instelbare cushioning stroke en geen mechanische eindaanslag. De DYEF-F daarentegen heeft een instelbare slag en een geïntegreerde metalen eindstop. In de praktijk wordt de DYEF-F vaker gekozen omdat de eindpositie nauwkeuriger te bepalen is en geen externe aanslagconstructie nodig is. De DYEF zonder stop wordt voornamelijk gebruikt wanneer de eindstop al deel uitmaakt van de mini-slide of het machineframe zelf.
Wanneer kies ik YSR-C, wanneer YSRW?
De YSR-C heeft een snel oplopende dempingskarakteristiek met korte slag en is geschikt voor draaiende toepassingen — denk aan rotary drives. De YSRW heeft een langzaam oplopende karakteristiek met langere slag, ideaal voor trillingsarme werking en korte cyclustijden. Voor lineaire eenheden DGC kunnen beide worden ingezet; YSR-C bij hogere frequenties en korte impacttijden, YSRW bij toepassingen waar zachtere afremming en herhaalbaarheid belangrijker zijn dan compactheid.
Wat betekent “onderbelast” in de tool?
Festo specificeert een minimum belasting van 25 procent van W3max voor lineaire en progressieve demping. Wanneer een model voor uw toepassing onder die drempel zit, krijgt het de status “Onderbelast” met een oranje indicator. Het model functioneert dan technisch wel, maar de demping zal harder en minder geleidelijk verlopen dan gewenst. In zo’n geval is een kleiner model uit dezelfde of een andere serie meestal de betere keuze.
Waarom heeft de DYHR een hoofdmaximum van 0,3 m/s?
De DYHR is geen schokdemper in de klassieke zin, maar een hydraulische cushioning cylinder voor constante, langzame remsnelheden over de volledige slag. Deze wordt gebruikt voor preciezere positionering in plaats van puur energieabsorptie. Denk hierbij bijv. aan voedingsmechanismes of aanvoersystemen die over een langere afstand gelijkmatig moeten afremmen. Voor snelle impacten van werkstukken of cilinders zijn de DYSR, YSR-C of DYSS series geschikter.
Kan ik de Festo en API tool met elkaar vergelijken?
Ja. Almotion biedt naast deze Festo-tool een aparte tool voor het API DR/DRF assortiment. Voor een algemene vergelijking kunt u dezelfde invoerwaarden in beide tools invoeren. De energie- en massa-eenheden zijn vergelijkbaar (1 J = 1 Nm), maar de selectiecriteria verschillen iets: API gebruikt een effectieve massa-bereik (ME min/max), Festo werkt met een hard maximum plus onderbelastingswaarschuwing. Voor pneumatische cilinders met Festo-aansluitingen is de Festo-tool meestal de logische eerste keuze; bij algemene mechanische dempingstoepassingen kan de API-serie technisch en economisch interessanter zijn.
Wat moet ik doen als geen enkel model past?
Wanneer geen Festo model alle criteria haalt, zijn er drie typische oorzaken: de impactsnelheid is hoger dan 3 m/s, de massa overschrijdt het bereik van zelfs het grootste model, of de combinatie van energie en cyclusfrequentie genereert te veel warmte. In dergelijke gevallen kan de keuze vallen op een industriële schokdemper buiten het Festo Cushioning Components assortiment, of op een variant met externe oliekoeling. Onze technische dienst denkt graag mee over alternatieven.→ Neem contact op via info@almotion.nl of +31 (0)85 0491 777
Disclaimer
De Almotion Festo stootdemper berekening tool dient uitsluitend als hulpmiddel bij de eerste selectie van een hydraulische of elastomer stootdemper uit het Festo Cushioning Components assortiment. De gepresenteerde resultaten zijn gebaseerd op vereenvoudigde berekeningen en de gepubliceerde catalogusgegevens van Festo (Cushioning Components, 2019/01). De tool rekent met F = 0 (geen aandrijfkracht tijdens dempen) en houdt geen rekening met factoren zoals montagestand, omgevingstemperatuur, vervuiling, schuine impact, dynamische krachten of de force-curves uit de Festo selectie-grafieken. Voor geavanceerde berekeningen verwijzen wij naar Festo’s eigen online sizing software op festo.com. Definitieve modelkeuze vereist verificatie door een gekwalificeerd technicus en raadpleging van de actuele fabrikantsdocumentatie. Almotion B.V. aanvaardt geen aansprakelijkheid voor schade voortvloeiend uit het gebruik van deze tool of de daaruit voortvloeiende beslissingen. De onderliggende productdatabase is beschermd onder Europees databankrecht (Richtlijn 96/9/EG); reproductie of extractie zonder toestemming van Almotion B.V. is niet toegestaan.